Last kiss

Met mijn collega ben ik op station Rotterdam Centraal. Gele bordjes vertellen ons waar we heen moeten. Als je even snel iemand af wilt zetten, is er een speciale kiss and ride plek, zo blijkt. Leuk bedacht. 

Verderop stappen we de tram in. Onderweg blokkeert een zwarte auto de trambaan. We staan zeker 10 minuten stil. Kom op doorrijden, denk ik, we zijn al laat voor onze afspraak.

Op een gegeven moment hou ik het niet meer en roep ongeduldig: ‘Hé, kiss and ride!’
‘Wel the last kiss dan’, reageert mijn collega droog.

Ik kijk nog eens naar buiten.
Dan zie ik, met het schaamrood op mijn kaken, mannen in zwarte pakken ijverig een lijkkist inladen.


Verschenen in NRC NEXT (2010)
.

Advertenties

Liefhebberij of virus?

Voor een klant beheer ik een vacature voor een secretaresse. Een pittige, slimme secretaresse, die – vanzelfsprekend – foutloos Nederlandse spreekt en schrijft. Ik zou een eerste selectie van de sollicitaties maken. Er zit een aantal toppers tussen. Eén van de dames schrijft dat ze veel ervaring heeft ‘opgelopen’ en dat we ‘aan de hand van haar cv’ meer informatie kunnen lezen (die er vervolgens niet bij zit…).

Een ander licht ze toe dat ze ‘altijd opkomt voor haar eigen mening, nooit tegen alle wind in praat’. Als ik haar een reply stuur met de vraag wat voor een naar virus dat is, ‘ervaring’, laat ze weten dat ze dit niet kan waarderen en of hier soms ‘een addertje achter het gras zit’. Weer een volgende laat weten dat ze secretaresse ‘in hard en nieren’ is. Degene die haar brief persoonlijk komt afgeven vertelt dat ze absoluut geen ‘half negen tot vijf houding’ heeft. Tenslotte beweert iemand dat ze ‘haar hersens op de juiste plek heeft.

Aan het einde van de dag stuur ik een aantal cv’s naar de klant. Ik sluit af met: “Indien u nog vragen hebt, dan hoort u dat uiteraard.” en druk op send. Oeps…!
Als ik hem de volgende dag bel en zeg dat ik het – zoals beloofd – nog zou laten horen of hij nog vragen had, kan er geen lachje vanaf. Iets met karma…

Wat is dat toch met mijn verslaving aan taalcreaties, versprekingen en woordgrapjes? Net als dat ik gek ben op mooie woorden, originele samenvoegingen en prachtige zinsconstructies, geniet ik van ‘foutjes’. Ik ben gek op de taalfantasieën en verfromfraaïngen. Ik kan er helemaal in op gaan, de tijd vergeten. Het is géén leedvermaak, maar ik vind het oprecht grappig. Maar soms komt het misschien verkeerd over, als ik dan lach… Is het misschien stiekem een virus, net als ‘ervaring’?