Communistische salsa

Tussen de massa taxichauffeurs die op me af stiert bij de uitgang van het vliegveld komt een exotische, donkere jongen op me af. Hij kijkt een stuk vriendelijker dan de medewerkster achter het oostblokachtige loketje bij de paspoortcontrole, waar ik vanuit alle kanten in de gaten werd gehouden door bewapende militairen.
‘Welkom in Cuba! Ik ben Antonio.’
‘Dank je wel!’ Ik ben Gelukkig.

Ongegeneerd doet hij een stapje achteruit en bekijkt me van pony tot rood gelakte teennagels.
‘Juan kon je niet ophalen’, zegt hij terwijl hij de deur van een gifgroene Lada voor me openhoudt.
Welkom in Latijns-Amerika: als Juan niet komt, komt Antonio wel – en anders José, Pedro of Ricardo.

Het mysterie dat Fidel Castro heet
Fidel’s helden Che Guevara en José Martí kijken me uitdrukkingsloos aan vanaf de grijze gebouwen als we het Plein van de Revolutie passeren. Beelden van Castro zelf zie ik nog niet, al verdenk ik hem ervan me te begluren vanuit de vele oldtimers die voorbij pruttelen. Fidel is always watching you. Bewonderend kijk ik naar de kunstige muurschilderingen met Hasta la victoria siempre en Hasta siempre (Altijd op weg naar de overwinning en Voor altijd), die me wijzen op de revolutie. Op het puntje van het Capitool wappert de Cubaanse vlag, trots en onverwoestbaar, al zit hij vol scheuren. Ik tik Antonio op zijn schouder en vraag hem de krakende salsa een tandje harder te zetten. Wat een stad! Opgewonden steek ik mijn hoofd uit het raampje en ga op in alle beweging: volgepropte retro bussen, oude auto’s in allerlei kleuren, rijen gammele fietsen, kaartspelende mannen met een glas rum in de ene en een sigaar in de andere hand, omringd door dartelende donkere vrouwen in mini-jurkjes. Terwijl vrouwen en auto’s hun kleurigheid graag showen, zijn vervallen gebouwen hun kleur op vele plekken kwijtgeraakt. Zonder verlies van charme. Havana is een beeldschone stad vol tegenstrijdigheden: Amerikaanse slee’s, Russische Trabantjes, Chinese fietsen en Nederlandse bussen. Maar vooral: Cubaanse passie.

Cuba Culinair
Antonio parkeert de Lada in een smal straatje tussen twee roestige Chryslers. Op de hoek speelt een groepje oude mannen in witte pakken de Cubaanse son. Vlinders kriebelen in mijn buik.
‘Kom, we gaan Congris eten!’, zegt Antonio opgewekt.
Weg vlinders.
Congris is hét Cubaanse gerecht: bruine rijst en bonen met een lap varkensvlees of kip eroverheen gedrapeerd. Iets wat ik al twee maanden in afgeleide varianten eet tijdens mijn reis door Latijns-Amerika. Waarom vinden Cubanen dat toch zo’n traktatie? Of is het omdat ze weinig keus hebben? Naast de producten uit de communistische bonnenboekjes is er weinig beschikbaar voor de bewoners van dit land, dat niet alleen letterlijk maar ook figuurlijk een eiland is.

Het communisme – een illusie?
Bij een (k)raampje langs de weg met een verfrommelde menulijst erop geplakt doet Antonio onze uiterst gezonde bestelling.
‘Ik kom maar niet aan mijn dagelijkse twee ons groente’, flap ik eruit.
‘Je dagelijkse twee ons groente?’ Een vraagteken popt op boven zijn hoofd.
Als ik hem ‘De Schijf Van Vijf’ uitleg moet ik zelf net zo hard lachen als hij.
Rare Hollanders. Een regering die zich bemoeit met wat de bevolking eet.
Het Cubaanse regime houdt het volk op – laten we zeggen – heel andere vlakken in de gaten.

Snufje Nederland
Als later de auto niet wil starten, besluiten we het piepende Lada’tje te verruilen voor een piepende bus. Ik zie net nummer 49 richting Appingedam aankomen. Of zullen we de 22 naar Amsterdam nemen?
‘Er zijn ook moderne toeristenbussen met airco als je wilt’, zegt Antonio ongemakkelijk.
Fidel is in zijn poging een socialistische samenleving te creëren volledig de weg kwijt geraakt. Ik weet ook de weg niet, maar ik weet wel wat ik wil: the real Cuban experience.
‘Vamos!’

Liefde op het eerste gezicht
Appingedam blijkt synoniem voor Vibora, de wijk waar ik logeer. Als ik uitstap staat de moeder des huizes in gerafelde bloemetjesschort al op ons te wachten.
‘Hallo Carolina, welkom. Je zult wel honger hebben, ik heb Congris gemaakt!’
Mijn maag trekt samen. Dit keer niet van weerstand tegen rijst met bonen, maar van instant liefde voor deze stralende vrouw in deze geweldige stad. Het energieke, fascinerende Havana waar ik na een halve dag al meer van hou dan in mijn dromen.
Cuba: Hasta siempre

Ik schreef dit voor het reismagazine Reisbijbel.nl

DIt verhaal is ook in het Engels vertaald voor het KLM Blog.

Advertenties

3 gedachten over “Communistische salsa”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s